Het faillissement van veranderkunde

Na een flitsstart ging Kabinet Rutte II eind 2012 zeer voortvarend met grote ambities aan de slag: met het PGB in de zorg, de oprichting van de Nationale Politie, een nieuwe publieke omroep. De beste verandermanagers van de natie lieten hun spierballen op deze mastodonten los. Laten we eens nagaan wat er na al die jaren is bereikt.

Problemen verplaatsen
Niets. De praktijk bleek veel weerbarstiger dan gedacht. Zojuist heeft Staatssecretaris Sander Dekker met zijn hakken over de sloot een slap aftreksel van de oorspronkelijke mediawet door de eerste kamer gefietst. De oprichting van de Nationale Politie duurt veel langer en de kosten komen veel hoger uit dan gedacht, de uitvoering van het nieuwe PGB piept en kraakt aan alle kanten. Het moet nog blijken of de aanpassing van de VAR wet van Staatssecretaris Wiebe in de praktijk zal gaan werken. De eerste signalen zijn niet positief en de berichten over perikelen in de begroting van Amsterdam maken het imago van de staatssecretaris er niet beter op.

Dit gebeurt niet alleen bij de overheid; in het Nederlandse bedrijfsleven is het niet anders. Onder het mom van de crisis hebben verandergoeroes behoorlijk huisgehouden. De resultaten zijn zeer marginaal en hebben alleen een korte termijn effect; de problemen worden veelal verplaatst of afgewend op een betrekkelijk klein deel van de samenleving. Dit gaat ten koste van de sociale cohesie.

De output van de verandergoeroes
Wat doen die verandermanagers eigenlijk? Om te beginnen voeren zij een nulmeting van de bedrijfsactiviteiten uit en vervolgens worden vergelijkbare systemen of organisaties met elkaar vergeleken (benchmarking). Dan neemt men ‘the best practice’ als maatstaf; er wordt een veranderplan gemaakt om het bedrijf zo snel mogelijk bij de beste jongentjes van de klas te laten horen.

Als laatste stelt men een verkoopplan op, om het veranderplan aan de medewerkers te verkopen. Alle activiteiten ‘zonder toegevoegde waarde’ worden uit het bedrijfsproces geknipt met als resultaat een gestroomlijnd proces dat op papier juist is. De hieruit voortvloeiende activiteitenplanning is zeer gedetailleerd: de medewerkers krijgen een rooster waarin per 15 minuten staat beschreven wat zij moeten doen en welke output daarbij wordt verwacht.

Wie draagt verantwoordelijkheid?
Als econoom klinkt mij dit als muziek in de oren. Maar gaat dit in de praktijk werken? Nee, natuurlijk niet. Onder het mom dat weerstand normaal is, wordt ieder plan vakkundig doorgedrukt. Deze werkwijze laat geen enkele ruimte over voor eigen inbreng, inzichten of optima pro forma handelen van de medewerkers. Op dit moment zijn doctoren, verpleegkundigen, leraren en de vakkenvullers bij mijn lokale supermarkt maar met één ding bezig: het volgen van de activiteitenplanning en zich aan het protocol houden.

Men voelt zich niet meer verantwoordelijk voor het resultaat van het proces. Het enige wat telt is dat de medewerker niet de schuld krijgt dat hij zich niet aan het protocol heeft gehouden. Voor de rest zoekt de patiënt, het kind en de klant het maar uit. Nog maar een paar jaar geleden stond het financiële systeem op instorten. De financiële wereld werd op het matje geroepen en moest schuld betuigen. We staan op de vooravond van de volgende bubbel die uitbarst.

Onzichtbare armoede
De afgelopen 8 jaar heb ik allerlei mensen voorbij zien komen die door een reorganisatie boventallig waren verklaard. Een deel daarvan koos uit vrije wil voor het  ondernemerschap. Velen hebben zichzelf noodgedwongen  ingeschreven als ZZP-er. De gemiddelde ZZP-er verdient veel minder dan mensen die in loondienst vergelijkbaar werk doen. Wanneer we kijken naar de inkomensverschillen tussen ZZP-ers zien we een duidelijke tweedeling: een klein deel verdient een goede boterham, de meerderheid kan amper rondkomen. Laat staan dat die kan sparen voor een pensioen of arbeidsongeschiktheids-verzekering.

Het merendeel van de ZZP-ers is minder dan 70% van hun beschikbare tijd productief. De resterende tijd zitten zij thuis of zijn ze op zoek naar een klus. Flexibilisering is als speerpunt wellicht geslaagd, en daardoor is het bedrijfsleven meer concurrerend geworden, maar ik vraag me af of iemand in het land erbij stil staat wat de negatieve effecten van die flexibilisering zijn. De  onzichtbare armoede die als gevolg daarvan ontstond blijft bewust of onbewust ongezien. Dat veel ZZP-ers niet verzekerd zijn noch een fatsoenlijk pensioen opbouwen, heeft nadelige maatschappelijke gevolgen met een glashelder financieel plaatje dat we in de toekomst gepresenteerd zullen krijgen.

Naar vermogen bijdragen
Misschien denkt u: lekker makkelijk, een stuk als dit schrijven, langs de kant staan en anderen de les lezen. Maar zo ben ik niet, daar houd ik helemaal niet van. Ik denk dat we het collectieve belang, namelijk welvaart en welbehagen van de hele natie, boven het individuele belang moeten plaatsen. Ik denk dat we allemaal een stukje van de verantwoordelijkheid moeten dragen.

Stel u voor dat alle verandermanagers besluiten hun beroep op te heffen. Wilt u even uitrekenen welke besparing dat oplevert? Stel dat we in plaats van dure, langdurige veranderprocessen die alleen leiden tot korte termijn resultaten, bij economische tegenwind aan alle medewerkers vragen om een bijdrage te leveren naar vermogen of naar rato. Op die manier doe je een beroep op ieder individu om ten behoeve van het geheel een offer te brengen in meer uren en / of minder salaris.

Samen doen
In de huidige geopolitieke situatie van Europa hebben we elkaar meer dan ooit nodig, willen we de Russen buiten de deur houden en de Chinezen voor blijven. Net als na de Tweede Wereldoorlog moeten we gezamenlijk het land weer gezond maken. Doen we dat niet, ben ik bang dat ons systeem van binnen uit gaat imploderen. Als het aan mij ligt, zetten we samen de schouders eronder.

Shahram Bahraini
Amsterdam 18 maart 2016

Leave a Reply