Even voorstellen? De vluchteling

Ik ben in het zuiden van het land bij een fundraising diner van een lokale Rotary Club. Voorafgaand aan het diner is samen met een onderwijsinstelling een debat over Syrische vluchtelingen georganiseerd.

Goed gezelschap
Het diner wordt geserveerd in een mooi historisch gebouw. Ik heb het al vaak van de buitenkant gezien, maar nog nooit van binnen. Ik zit aan tafel met 7 andere gasten: een advocaat, de lokale voorzitter van één van de landelijke partijen, een student, twee ondernemers, een Amerikaanse geschiedenisdocent en een cardioloog uit België. Ik ben in goed gezelschap en amuseer me met gesprekken en lekker eten. Iedere tafel kreeg de opdracht om met concrete voorstellen te komen wat we als individu aan het vluchtelingenvraagstuk kunnen doen.

Mijn tafelgenoten worstelen oprecht met dit dilemma en vragen zich af wat zij voor vluchtelingen kunnen betekenen en wat zij van de vluchtelingen kunnen verwachten. Mijn tafelgenoten hebben een economische insteek. Men vraagt zich af wat je kunt doen met mensen die wellicht getraumatiseerd zijn. Bovendien spreken ze de taal niet en zijn ze moslim. Op een gegeven moment vraag ik de groep wie al eens een Syrische vluchteling heeft ontmoet. Dan wordt het even stil.

Wat werkt?
Mijn Amerikaanse tafelgenoot onderbreekt de stilte: vandaag heeft hij tijdens de dialoog zojuist een vluchteling gesproken. Ik vraag de groep hoe zij over Syrische vluchtelingen kunnen praten als ze er geen één gesproken hebben, als ze nog nooit met een vluchteling kennis hebben gemaakt. Hoe kun je iemand helpen als je hem niet kent? Het lijkt erop dat we op basis van verhalen over de vluchtelingen een werkelijkheid hebben gecreëerd die niet bestaat. En dat terwijl we allemaal weten waar het kan eindigen als je klakkeloos de mening van de massa overneemt.

Ik opper het idee dat iedere ondernemer begint met het aanbieden van een stageplek aan een vluchteling. Mijn tafelgenoten vinden dat allemaal een goed idee. Ik ben blij dat men positief reageert. Er is een grote bereidheid en dat is een belangrijke stap. Ik vraag me af of het bij mooie intenties zal blijven of dat mijn tafelgenoten zullen overgaan tot actie. Wat hebben ze daarvoor nog nodig? Welke hobbels moeten overwonnen worden? Hoe komen zij in contact met vluchtelingen?

Kennismaken
Aan het eind van de avond neem ik het initiatief en stel een vluchteling aan mijn tafelgenoot voor. Dit is een onverwachte actie waarop Boudewijn niet had gerekend. Hij staat op, borst naar voren, doet de knoop van zijn colbert dicht en geeft de vluchteling met een stalen gezicht een hand. Die trilt van onzekerheid. Beide mannen zijn nerveus en weten werkelijk niet wat te doen. Daarop geeft Boudewijn de vluchteling zijn kaartje en zegt dat hij hem kan bellen: “I am not calling you, if you want a job, you call me!” Ik geef beide heren mijn visitekaartje, bied hen beiden mijn hulp aan en neem afscheid.

Op de weg terug naar Amsterdam zit ik in de auto te mijmeren over wat er tussen Boudewijn en de vluchteling gebeurde. Zou die vluchteling kunnen lezen en schrijven? Zou hij een mobiele telefoon hebben? Zij konden face to face amper met elkaar praten, hoe zou zo’n telefoongesprek verlopen? En wat vond ik van de houding van Boudewijn? Was hij uitnodigend genoeg? Was hij daadwerkelijk geïnteresseerd in het helpen van vluchtelingen? Wat heeft Boudewijn nodig om die empathie bij zichzelf te vinden? Of was dit een avond van mooie intenties waarop geen actie volgt? Ik ben bang dat dit eindigt in een teleurstelling voor beide partijen. Beiden zullen daarin hun eigen beeld bevestigd zien, namelijk: zie je wel de ander deugt niet!

Een plek aanbieden
Ik verzet mijn gedachten en mijmer verder: stel dat iedere ondernemer een vluchteling een stageplek aanbiedt voor 2 jaar. Stel dat op ieder industrieterrein kleinschalige taalcursussen worden georganiseerd en dat de vluchtelingen ook op het terrein kunnen verblijven. Tijdens die twee jaar leert de vluchteling een vak en de taal. 8 uur werken en 8 uur naar school gaan. Zo krijgen de vluchtelingen geen seconde de tijd om uit verveling achter de vrouwen aan te lopen of rond te hangen in de straten. Zou het lukken? Ik denk van wel.

Shahram Bahraini
Zaandam, 1 Maart 2016

Leave a Reply