De vrije wil bestaat niet – ik werk aan een vrijere wil

De vraag of de vrije wil wel of niet bestaat heeft de laatste jaren heel wat stof doen opwaaien. Neurobiologen zoals Swaab, Lamme en Verplaetse toonden aan dat het handelen van de mens voor een groot deel voortkomt uit zijn onbewuste, en dat de mens zich een groot deel van zijn handelen onbewust is. Dat is natuurlijk aantoonbaar waar. En ik geef hen gelijk dat ‘de vrije wil’ niet bestaat: het is namelijk geen statische entiteit, maar een proces dat onder continue wisselwerking staat.

Het bewustzijn waar de vrije wil op enig moment uit voorkomt is een werkwoord: het is iets dat werkt. Het is dan ook niet iets dat je kan vaststellen op moment X, want het staat niet vast. Het verandert voortdurend. Je kunt het wel ontwikkelen, oefenen. Zodat je jezelf kan bevrijden van patronen en predisposities. Zoals Jan Willem Breuk zegt: je hebt de mogelijkheid om te kiezen voor een vrije wil.

De hedendaagse filosoof Bieri maakt een uitdrukkelijke koppeling tussen het bestaan van een vrije wil en het feit dat het daarbij gaat om een wil waarvan de mens zich bewust is. De vrije wil is afhankelijk van vele voorwaarden. Maar die afhankelijkheid van voorwaarden is niet hetzelfde als onvrijheid.

Menswetenschappers en neurobiologen zijn het er dus over eens dat een onvoorwaardelijke vrije wil niet bestaat. Alle menselijke beslissingen en handelingen worden bepaald door diverse factoren:
• externe factoren: welke mogelijkheden biedt de samenleving waarin men leeft
• interne factoren: welke lichamelijke en geestelijke capaciteiten heeft men
• de levensgeschiedenis van het individu: wat heb je meegemaakt en ervaren in je leven tot dan toe, welke automatismen heb je (bewust of onbewust) ontwikkeld.

Op al deze factoren kun je als individu invloed uitoefenen, voornamelijk door je van de sturende werking van die factoren bewust te zijn. Ieder individu kan zijn bewustzijn trainen en vergroten, en daarmee zijn invloed op zijn handelen. Bijvoorbeeld middels reflectie en meditatie.

Het is knap ingewikkeld een vrijere wil te ontwikkelen. Ik heb meegemaakt dat iemand bij een mindfulness training volstrekt in paniek raakte toen het automatisme tussen actie en reactie wegviel. Door het wegvallen van de automatische piloot raakte zij volslagen de weg kwijt, verlamd door de voortdurende keuzes waarvoor zij werd gesteld. Overload, system failure. Het is niet voor niets dat 99% van ons handelen onbewust is.

De vrije wil als statische entiteit bestaat niet. Gezien bovenstaand voorbeeld is dat maar goed ook. De overmaat aan keuzes zou ons brein overbelasten. Maar het is zinnig stil te staan bij gemaakte keuzes en die te heroverwegen. We kunnen onszelf trainen keuzes te maken die voortkomen uit onze bewuste wil en niet uit onbewuste oude patronen die ons al dan niet zijn opgelegd. Een fiks deel van de wijze van ons handelen komt voort uit het verleden in plaats van het heden. Daarvan kunnen we onszelf bevrijden. Een soort van herprogrammeren. De vrije wil bestaat niet; ik werk aan het ontwikkelen van een vrijere wil.

Ceciel Fruijtier, 22 mei 2012

Met dank aan gedachtenwisselingen met Jan Willem Breuk en Wouter Hekkelman, zie ook hun artikel “Keuze voor een vrije wil?” Tijdschrift voor Humanistiek nr.48, 2012. Dank ook aan Jan Lelie en zijn uitleg van het begrip ‘reïficatie’, zie het boek ‘Faciliteren als Tweede Beroep – omgaan met verandering’ ISBN 978-90-78440-55-0

2 Responses to De vrije wil bestaat niet – ik werk aan een vrijere wil

  1. Misschien is het verstandiger te werken aan het bevrijden van “de wil” uit handen van de mens. Zelf meen ik dat “de vrije wil” een mereologische drogreden is. Uit mijn boek:

    “De mereologische drogreden (Engels: fallacy) betreft een redenering, waarin een deel van een verschijnsel als verklaring voor het geheel gebruikt wordt. Hersenen maken deel uit van een mens net zoals een auto een motor heeft. Een auto heeft een motor nodig om te bewegen en een mens heeft hersenen nodig om te leven. De motor verklaart niet hoe of waar naartoe een auto beweegt net zo min als hersenen verklaren wat een mens beweegt. Een mens is niet zijn hersenen net zomin als een auto slechts een motor is. Mensen denken, auto’s rijden. Toch spreken de meeste mensen, inclusief (hersen)onderzoekers en filosofen, over het denken of voelen van de hersenen. Wanneer we pijn voelen, bijvoorbeeld omdat we te lang hebben zitten typen, zijn bepaalde gebieden in de hersenen actief (net zoals de vingers, overigens). Wetenschappers tonen vervolgens aan dat die pijncentra ook ‘oplichten’ wanneer we plaatjes zien van rugpijn, of woorden lezen die vertellen dat iemand rugpijn heeft. Dus constateren velen, doen de woorden pijn en voelen we dat in de hersenen.”

    Leven “wil”, of om met Spinoza te spreken: ieder levend wezen (of eigenlijk elk systeem) wil zich handhaven. Alleen door de wil kunnen we kennen. God, of de Naturende Natuur, is dus de Willende Wil. We bidden immers: “Uw Wil geschiedde”.

    Met de wil duiden we – zeker in de betekenis van Schopenhauer en Nietzsche – iets universeels aan. Het is Gods wil, zeggen we wel. Maar met de wil duiden we ook iets specifieks aan: “ik wil een koekje”. Kinderen hebben een eigen willetje. Vrijheid is ook een paradoxaal begrip, mede omdat we vrijheid trachten te bereiken door onvrijheid te ontkennen (zie het voorstuk, kopje paradoxen in mijn boek). De vrije wil “an sich” bestaat niet. Het is altijd een attribuut of aspect van gedrag. Maar dat wil niet zeggen dat we dit attribuut als verklaring voor het gedrag kunnen gebruiken.

    Ik huldig altijd een pragmatisch, fenomenologisch standpunt: de werking, het resultaat of het effect van het gebruik van een term, is alles wat we kunnen weten van “de vrije wil”. Vanuit dat standpunt merk ik op dat we over het algemeen de vrije wil gebruiken als een verklaring over onze verantwoordelijkheid voor keuzes. Wanneer een keuze niet “uit vrij wil” is, zijn we niet of minder verantwoordelijk. Persoonlijk meen ik dat we ons deze luxe niet kunnen veroorloven. “Gewild of ongewild, kiezen is aanwezig.” Niet kiezen is geen optie of ook een keuze.

  2. “Misschien is het verstandiger te werken aan het bevrijden van “de wil” uit handen van de mens.”

    Je kunt een onderdeel van een systeem toch niet versterken door het systeem op te heffen? Het is er onlosmakelijk mee verbonden.

Leave a Reply